EEN HISTORISCHE KAART VAN DE KOLONIE SURINAME.

.

Tot de meest bekende historische landkaarten van de kolonie Suriname, behoort ongetwijfeld de in 1773 verschenen ‘Generale Caart van de Provintie Suriname’, vervaardigd door Alexander de Lavaux. Naast de bijzonder mooie uitvoering is het een belangrijke kaart omdat voor het eerst alle destijds bekende plantages er op afgebeeld zijn. Zo mooi en volledig als de kaart is, zo verbrokkeld en wispelturig verliep het leven van De Lavaux.

Na een korte carrière in het Pruisische leger, werd de Duitser Alexander de Lavaux in 1729 door de Sociëteit van Suriname (het bestuur van de kolonie) naar Suriname uitgezonden als officier en landmeter. De ervaring die hij al had opgedaan in het Pruisische leger vormde voor het bestuur een belangrijke reden hem die legerfunctie te geven. Nog belangrijker was echter de ervaring die hij als landmeter had opgedaan. Men had dringend behoefte aan goede landkaarten om weglopersdorpen goed in kaart te brengen als steun in de strijd tegen de Marrons. Daarnaast had men in Nederland de indruk dat nieuwe plantages vaak wat ruimer uitgevoerd werden dan op grond van concessies was afgesproken. Eenmaal aangekomen in Suriname werd De Lavaux al spoedig meegestuurd met een bostocht tegen de Marrons. Zijn optreden was geen succes. Hij weigerde een bevel van een meerdere op te volgen en werd bij terugkeer in Paramaribo gevangen gezet. Van verdere strafvervolging werd afgezien op de voorwaarde dat hij met een tweede bostocht mee zou gaan en zijn goede wil bewijzen. Tijdens deze periode viel hij op in positieve zin, met name ook doordat hij ijverig aan de slag ging met het vervaardigen van kaarten in de door hem bezochte gebieden. Toen de Sociëteit van Suriname in Nederland behoefte kreeg aan een landkaart van het tot dat moment bekende deel van Suriname, kwam De Lavaux vlug in beeld. Temeer omdat hij op eigen initiatief al paar jaar met iets dergelijks bezIg was. In juli 1736 scheepte hij zich in opdracht van het bestuur in op een schip naar Nederland. Wegens geringe zeewaardigheid van dit schip voltooide hij zijn reis aan boord van een Frans vaartuig. Aangekomen in Holland bleek een groot deel van de meegebrachte documenten zoveel waterschade te hebben opgelopen dat hij veel opnieuw moest intekenen. Het uiteindelijke resultaat werd op een koperplaat vastgelegd en 50 afdrukken daarvan werden naar Suriname verscheept. Bovendien werd ook nog een afdruk op zijde gemaakt. Dit is de kaart die in het Amsterdamse Rijksmuseum te bewonderen valt. Als beloning mocht De Lavaux kiezen voor het eigendom van de koperplaat of 1000 gulden. Hij koos dit laatste. Uit erkentelijkheid bevorderde men hem nog tot legerkapitein en stelde hem in Suriname een belangrijke functie in het vooruitzicht bij supervisie over te bouwen fortificaties.

De Lavaux aanvaardde de terugreis naar Suriname, maar op eigen initiatief maakte hij een grote omweg via Nieuw Engeland, waar hij bijna een jaar verbleef. Uiteindelijk aangekomen in Paramaribo eiste hij daar het volledige achterstallig landmetersloon over de tijd dat hij niet in Suriname was geweest. Van het loon waarop hij recht meende te hebben werd echter de periode afgetrokken dat hij in Nieuw Engeland was geweest, alvorens hem het werd uitbetaald. Bovendien werden de bevordering en de nieuwe functie die hem door Nederland beloofd waren, niet gerealiseerd. Hij werd hierom zo boos dat hij zonder toestemming Suriname verliet om in Nederland zijn beklag te doen. Om onduidelijke reden ging hij echter niet verder dan het eiland St. Christoph, dat in Engelse handen was. Hij maakte kennis met de autoriteiten en schijnt voor hen ook nog kaarten te hebben getekend. De verontwaardiging bij het Gouvernement in Paramaribo was groot. Na de nodige diplomatieke onderhandelingen werd De Lavaux naar Suriname teruggebracht en daar gevangen gezet wegens desertie. Na een lange periode van verhoren en raadplegingen door de Krijgsraad kwam er in 1743 een uitspraak. Vijf leden waren voor ontslag uit het leger en verwijdering uit de Kolonie. Vier leden, waaronder de  Commandeur, die een dubbele stem claimde waren voor de doodstraf. Gouverneur Mauricius schortte het oordeel op. In de volgende periode kwam het lot De Lavaux te hulp. Hij begon in gevangenschap last te krijgen van wanen en hallucinaties, die het vermoeden deden rijzen dat ook in het verleden dergelijke zaken zijn gedrag zodanig hadden beïnvloed, dat hem zijn daden niet aangerekend konden worden. In februari 1744 werd hij uit gevangenschap ontslagen en enkele weken later verliet hij de kolonie voorgoed. Kort daarna dook hij op in het Engelse Chester, getuige de door hem vervaardigde kaart van die stad. Hoe het verder met hem verlopen is, valt niet meer te achterhalen.

Jacob van der Burg